vrijdag 22 mei 2026

Ulva

Om 6.30u staan we op en drinken zoals gewoonlijk eerst koffie. We hoeven niet lang na te denken over wat we vandaag gaan doen. Het veerbootje naar Ulva vaart zondag niet en morgen hebben we Staffa op het programma staan. Het wordt dus Ulva, een eilandje naast Mull dat door de bewoners is opgekocht. De rit er naartoe is spectaculair, niet alleen door de prachtige vergezichten maar ook door de smalle, soms hobbelige weg. We duiken vaak een passing place in of passeren een auto die voor ons wacht in zo'n inham. Het is een goed gebruik de hand op te steken om te bedanken, hetgeen begroet wordt met eenzelfde gebaar. Als ik een local me in laat halen dankt deze me achteraf door afwisselend de richtingaanwijzers te laten knipperen. Hoffelijkheid kent hier geen grenzen. Bij de plek waar we de zee-engte over willen steken hangt een paneel met een schuif. Schuif zodanig dat er een rood deel vrij komt en de veerman aan de overkant weet dat hij gewenst is. Het motorbootje brengt ons naar de overkant, waar het boat house prima cappucino serveert. Nu zijn we klaar voor een wandeling, onze kleding dragen we in laagjes. We zijn op alle weersomstandigheden voorbereid. In het bos zie ik een taigaboomkruiper, deze vogel heb ik nog nooit eerder op de foto kunnen zetten, in tegenstelling tot de zanglijster. Er zijn opvallend veel bloeiende planten te zien in het bos, op de hei en op en tussen de rotsen. Een tapuit en een fitis lijken net als wij ook van het uitzicht te genieten. Soms is het klimmen en klauteren op dit eiland, waarbij voorzichtigheid gewenst is. Nadat ik eerst een zilvermeeuw abusievelijk voor een roofvogel heb aangezien, zie ik in een opening in een rotspartij een gigantisch nest. Dat moet van een zeearend zijn. Ik loop al de hele tijd te speuren naar deze roofvogel. En ja hoor, ineens zie ik deze majestueuze rover hoog in de lucht. Enkele foto's bewijzen mijn gelijk. De hoeveelheid verspreid liggende koeienvlaaien op het eiland geven aan dat een ontmoeting op de loer ligt. Prachtig is dit highland cattle, vooral als er ook kalveren bij zijn. Op zee zien we drijvende bassins, die zijn vast voor de zalm die er gekweekt wordt. We komen aan bij een ruïne. Het blijkt het povere huis te zijn geweest van de grootouders van Donald Livingstone, de ontdekkingsreiziger. We gaan weer een stukje door een sprookjesachtig bos, dat groener is dan groen. We hebben 13 kilometer gelopen en geklommen. De regenkleding is nauwelijks uit de rugzak geweest. De veerman brengt ons terug naar Mull. Via de kustroute noordelijk, waar we onderweg Calgary beach aandoen, komen we weer in Tobermory. Na even opfrissen is het tijd om te gaan eten bij Café Fish. Nancy heeft in Nederland al gereserveerd, het is een zeer geliefd restaurant. We kunnen dit voluit beamen, waanzinnig lekkere verse vis op culinaire wijze bereid. We kijken terug op een schitterende dag.

veerboot naar Ulva

Who pays the ferryman?

The Boathouse

taigaboomkruiper met prooi

zanglijster

zanglijster

daslook

Engels gras

stengelloze sleutelbloem

fitis

tapuit

enkele muurtjes op Ulva

zilvermeeuw


nest zeearend


zeearend

zeearend

wie maakt daar een foto?

nu zie ik het!

highland cattle

zalmfarm

Livingstone gedenkteken

natuurlijk groen bos

fitis

Calgary beach


donderdag 21 mei 2026

Mull

Na het ontbijt in het Ranald hotel in Oban rijden we een korte route naar de veerboot. Het loopt gesmeerd. Vanaf de opstelplaats zie ik een zwarte zeekoet in het water (black guillemot). De overtocht naar Mull duurt minder dan een uur, tijd genoeg voor cappucino aan boord. Als we langs de kustlijn van Mull varen zien we het 13e eeuwse Duart castle liggen, een van de meest iconische burchten van Schotland. Het wordt bewoond door de familie MacLean. Niet verwonderlijk overigens dat dit kasteel regelmatig gebruikt wordt als filmlocatie. We komen aan bij Craignure en besluiten het kasteel te bezoeken, linksaf dus in plaats van rechtsaf naar Tobermory. Het onderhouden van zo'n kasteel zal vast erg duur zijn, de entreeprijs is er naar. We gaan niet naar binnen maar lopen naar het water, waar een oeverpieper op de rotsen zit. Het wordt tijd om naar Tobermory te rijden. Een groot deel van de weg is single track met passing places. We rijden langs het water en bewonderen het uitzicht. Helaas zijn er weinig parkeerplaatsen onderweg. We rijden Tobermory binnen en zien direct de gekleurde huizen waar deze plaats zo bekend van is (in de reisgidsen). Ons houten vakantiehuisje ligt in upper Tobermory. Na het uitpakken en binnenbrengen van de bagage verkennen we de winkelstraat, waar ook de distilleerderij aan ligt. Een bonte kraai lijkt ter genieten van een voetbad (hooded crow in Engels of 'feannag' in Schots Gaelic). In het huisje mag Nancy kiezen wat we eten, spaghetti met saus of saus met spaghetti. Nog even de blog schrijven, terwijl Nancy Polarsteps bijwerkt en dan gaat het aardig richting bedtijd.


zwarte zeekoet

Duart castle




oeverpieper

Tobermory


Tobermory

Tobermory

Tobermory distillery

bonte kraai


woensdag 20 mei 2026

Van Carlisle naar Oban

We hebben een flinke rit voor de boeg als we bij Ian vertrekken, na een heerlijk ontbijt. Wat kijken we terug op een bijzonder leuk bezoek aan hem en Katie. We hebben herinneringen opgehaald aan een fantastisch mens. Linda. Ian zwaait ons uit en de rit begint. Niet alleen Carlisle laten we snel achter ons, ook Glasgow. Bij Luss aan Loch Lomond genieten we van cappucino en een wrap. De weersomstandigheden veranderen sneller dan we bij kunnen houden. Zo zijn er zware wolkenpartijen, zo schijnt de zon. Als we nog een pauze nemen kan ik de wilde hyacint op de foto zetten. Hele berghellingen zijn ermee bedekt, hetgeen een prachtige sfeer oproept. Min of meer toevallig stoppen we ook bij een kerk, en niet zo maar een. Aan de oever van Loch Awe staat de kerk die in 2016 door de 'Royal Incorporation of Architects in Scotland' is uitgeroepen tot een van de top-tien-gebouwen in Schotland in de laatste 100 jaar. Dit is echt niet voor niets. Ik heb niet veel met waar kerken voor staan, maar wel met de weergaloze architectuur ervan ( St Conan's Kirk ).  Om 15.30u rijden we Oban binnen en nemen intrek in ons hotel. We verkennen even de route naar de haven, waar we morgen moeten zijn voor de overtocht naar Mull. Rond 21.00u houden we het voor gezien en leggen we ons te ruste.

Loch Lomond

Wilde hyacint (Bluebell)

St Conan's Kirk

St Conan's Kirk

St Conan's Kirk

St Conan's Kirk

Oban


Solway Firth

Ian, Nancy en ik gaan vandaag naar de monding van de rivier Eden, Solway Firth genaamd. De RSPB (Royal Society for the Protection of Birds) heeft er grote stukken land aangekocht, bestaand uit moeras, akkerland, heide en rivierbedding. Er komen veel soorten vogels voor, waarvan de bruine kiekendief (marsh harrier) en de visarend (osprey) de grootste zijn. ook de kleine vogels mogen er zijn. Heel blij ben ik met de foto's van de zwarte mees (coal tit). In het riet zit de kleine karekiet (reed warbler). We komen op een vlonder veel rupsen tegen, de hageheld. Dit is de rups van de grote beer of bruine beer, een nachtvlinder met de welluidende naam Arctica caja.

boerenzwaluw

boerenzwaluwen

bruine kiekendief

bruine kiekendief

zwarte mees

zwarte mees

hageheld

kleine karekiet

putter

visarenden

visarend